Aquarium-water
Inleiding
Aan aquariumwater worden door de verschillende vissen wat meer eisen gesteld dan door ons aan ons zgn drink water. Sterker nog.... vissen zullen het niet gemakkelijk overleven in ons water met al haar toevoegingen om het drinkbaar te maken.

De waterhuishouding is niet zo moeilijk als het lijkt, zo bewijst deze pagina !
Op de hier onder staande afbeelding staan alle waarden én scheikundige afkortingen afgebeeld. Kijk voor de aardigheid eens óf je ze allemaal kunt vinden. Lees daarna deze pagina. Je zal merken dat het dan ineens niet meer zo moeilijk is. SUCCES !!! grinn

PS: door op de afbeelding te klikken, vergroot de afbeelding én ook uw kans iom de puzel tot een goed einde te brengen .


Op deze pagina maakt u kennis met de 10 noodzakelijke wetenswaardigheden over aquariumwater nl:
  1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
10.
Het aquariumwater.
Hardheid water. (dGH)
Carbonaat hardheid. (KH)
Zuurgraad. (PH)
Ammonium en ammoniac gehalte. (NH3 NH4)
Nitriet gehalte. (NO2 / HNO2)
Nitraat gehalte. (NO3 / HNO3)
Zuurstof en koolzuur gehalte.
(O2 & CO2)
Fosfaat gehalte. (PO4)
Silicaat gehalte. SiO2
 


 


1. Aquarium water algemeen.

Voor een mooi en gezond aquarium, hebben we mooi en gezond aquariumwater nodig. Dit houd in dat het de juiste samenstelkling én temperatuur bevat voor een gezond leefklimaat. De gunstigste temperatuur is tussen 24 en 29 graden. Dit betekend dat we een verwarmingselement moeten gebruiken met een ingebouwde termostaat, om het water doorgaans op temperatuur te houden. Echter in de zomer zal dit soms wat lastiger worden als het dagen achtereen warm is. Nu kan een aquarium best wel wat hogere temperatuur verdragen voor een priode van 6 tot 8 weken. Maar het is dan wél zaak om alle water waarden extra goed in de gaten te houden !

Gemiddelt genomen, voldoet het leidingwater wel aan de juiste waarden. Ik zeg expres "gemiddelt" omdat het afhankelijk is van het gebied waar in je woont. Gebieden waar men duin-water gebruikt, zal doorgaans zachter zijn en dient daar door voorbehandelt te worden door de GH en KH waarden aan te passen. Hier voor kan men de juiste middelen verkrijgen bij de aquarium speciaalzaak.

Nu ik het tóch over KH en GH heb. Zo kan je de KH en PH waarden ook koppelen. Zodra je de KH verandert, zal ook de PH waarde veranderen.

Het kan ook zijn dat het leidingwater een te hoog aan nitraat gehalte heeft. Dit is een iets lastiger probleem omdat hier voor niet overal de juiste middelen te verkrijgen zijn. Al denk ik dat men ze nagenoeg overal wel kan bestellen.

Nog een probleem kan het silicaat gehalte opleveren, voornamelijk bij net opgestarte aquariums. Een blauwalg exlosie is dan moeilijk te bestrijden.

click to enlarge
Maar ook hier voor zijn wel oplossingen, het duurt alleen wat langer en vraagt iets meer gedult van de aquarist. De afkortingen als GH, KH, PH etc. komen nu misschien nog wat vreemd over maar als je de pagina verder gelezen hebt, zal je zien dat het allemaal nog wel erg mee valt en niet zo moeilijk is als dat het doet verwachten !


 


2. Totale hardheid van het water.

De totale hardheid van het water word aangeduid in "duitse" graden hardheid ofwel dGH.


De waarden waar tussen de hardheid van het water moet zijn, is afhankelijk van de soort vissen die men wil gaan houden.
De ene soort eist wat harder water dan de andere soort. Maar feitelijk moet je jezelf afvragen dat als dat iets af wijkt en je aquarium het goed doet, óf je er wel iets aan moet veranderen ?


De totale hardheid van het water is gemakkelijk op te meten met een druppelindicator. Deze testsetjes zijn in alle aquariumspeciaal zaken te verkrijgen. Het bestaat uit een buisje en vloeistof. Je vult het buisje tot het aangegeven niveau en vervolgens doe je drppeltje voor druppeltje de vloeistof toevoegen. De kleur verandert bij iedere toevoeging. Op het pakketje staat een kleur monster waarmee je de vloeistof vergelijkt. Je telt de druppels en als het 8 druppels duurt voordat de zelfde kleur bereikt word, betekend het dat de totale hardheid ofwel dGK 8 is. Ook zijn er zgn uitstrijkjes te maken. Deze pakketjes bestaan meestal uit pappiere strips. Deze haaklt men door het water en vervolgens wacht men 1 minuut om een vergelijking te doen. Het nadeel is dat deze testjes met een grotere schaal werken en dus minder nauwkeurig zijn.

Op de afbeelding hier naast zie je schematisch weergegeven hoe de hardheid waarden van leidingwater in Nederland liggen.


 


3. Carbonaat hardheid .
De carbonaat hardheid word aangeduid in KH.

De KH waarden verschillen in Nederland enorm en kan dus op sommige plaatsen in Nederland zelfs wel oplopen tot 17KH. Controleer dan ook altijd de KH waarden van het leidingwater ! Zelf houd ik de KH waarden op een gemiddelde van 8 KH. Het mag overigens variëren tussen 7 en 14 KH. Meting gebeurd op de zelfde wijze als het dGH (zie onderwerp hier boven) en ook deze zijn in nagenoeg alle aquariumspeciaalzaken te verkrijgen.

Het aanpassen gaat vrij eenvoudig met KH+ poeder. Indien je een groot aquarium bezit, is het raadzaam om KH+ voor de vijver te kopen. Dat is een stuk voordeliger en bevat exact de zelfde samenstelling.


 


4. Zuurgraad van het water.
De zuurgraad van water word aangeduid in PH.

Dit is wel de meest besproken waterwaarde die er bestaat. Zure oplossingen hebben een pH lager dan 7, basische oplossingen hebben een pH hoger dan 7, deze oplossingen worden ook wel logen (enkelvoud: loog) genoemd.

KORTOM: Hoe lager de waarde , des te zuurder het water is. In de meeste gevallen is een zuurgraad van 7 - 8 PH het meest gunstig. Grote schommelingen van de zuurgraad is niet wenselijk en meestal een gevolg van te weinig water verversen.

Oud water heeft nl meestal een lagere PH waarde dan vers water.
In heel zeldzame gevallen kán het andersom zijn maar dat betekend dan dat het leidingwater een enorme lage zuurgraad heeft.
Maar in nagenoeg alle gevallen, is er spraken van een te hoog koolzuur gehalte van het leidingwater. Het koolzuur is overigens heel gemakkelijk uit het leidingwater te verwijderen door het 15 minuten lang, flink te beluchten !

Om de PH waarde zo stabiel mogelijk te houden, kan men kalkhoudende producten in het filter van de pomp of het Bio-filter plaatsen. Kalk houdende producten beginnen ongeveer bij 8,2 PH, op te lossen in het water. Op deze mannier kan je aquariumwater nóóit te zuur worden. Koraalzand, Marmerkies en biologische filterproducten als Merlin en Aqua Marine, Alfa Marina, houden de PH waarde van het aquarium stabielMerlin (meestal op vijverafdelingen te vinden) en Aqua Marina en Alfa Marina (meestal op zee/zout waterafdeling te vinden), werken ook nog eens als biologisch filtermateriaal. Bovendien haalt Merlin ook nog eens het nitraat en het fosfaat uit het water.

Er zijn meerdere merken welke een soortgelijke filtermedium op de markt brengen. Vraag er naar in uw aquariumspeciaalzaak.

De zuurgraad van het water is gemakkelijk en op verschillende mannieren te meten. Zo kan men gebruik maken van de wel bekende druppelindicatoren met een kleurstof omslag indicatie, of met test staafjes. Er zijn ook electronische meetapparaten (zie afbeelding) die de PH waarden zelfs tot op één tiende nauwkeurig meten. Het beste zijn de apparaten met losse PH electrode.

Er zijn ook zgn meetpennen in de handel te verkrijgen. Deze zijn meestal een heel stuk goedkoper. Vraag dan wel eerst aan de winkelier of deze geschikt is voor jou aquarium !Sommige van deze zgn meetpennen kunnen nl niet tegen warm water. Met gevolg dat de glazen electrode barst of lek raakt. Deze pennen zijn dan ook van orgine, bedoelt voor gebruik in vijvers.


 


5. Ammonium en ammoniak gehalte.

De stoffen ammonium en ammoniak zijn nauw aan elkaar verwant. Deze stoffen ontstaan in het eerstre stadium van afbraak van vuil. Het wezenlijke verschil alleen is, dat ammoniak zwaar giftig is en ammonium nagenoeg niet.Bij PH waarden beneden de 7 PH zal het niet voorkomen dat er spraken is van ammoniak aanmaak. Beneden de 7 PH zal er alleen ammonium aangemaakt worden en boven 7 PH alleen Ammoniak. De hoeveelheid van deze stoffen is echter zo minimaal, dat het met een gewone test niet eens te meten is.
Het komt dus zeer zelden voor dat vissen sterven aan een te hoge concentratie aan ammoniak en al helemaal niet aan een te hoge doses aan ammonium. De aanduiding van Ammoniak is NH3 en voor Ammonium NH4. Mocht je de waarden tóch willen weten en meten, dan zijn er bij de betere aquariumspeciaalzaken, druppeltesters te verkrijgen die werken met een kleurschaal.


 


6. Nitriet gehalte.
Nitriet word meestal aangeduid met NO2 of HNO2.

Het ontstaat doordat de aanwezige bacteriën het ammonium en ammoniak omzetten in nitriet. Deze stof is zelfs in kleine hoeveelheden al giftig ! Een concentratie van 0,2Mg is al critisch te noemen en een gehalte van 0,5Mg per liter is al dodelijk.

Daarom is het raadzaam om in ieder geval altijd een nitriet tester in huis te hebben !

Bij pas ingerichte aquariums is het van groot belang om éérst de nitrietwaarden vast te stellen al vorens men er vissen in uit gaat zetten ! Zorg er voor dat het nitriet gehalte bij voorkeur niet boven 0,05Mg per liter komt. Sommige testers komen echter niet beneden 0,1Mg, wat dus automatisch in houd dat dee testers dus helemaal NIETS aan mogen geven om save te zijn.

Zodra je een aquarium voor het eerst inricht, zal het Nitriet vrijspel hebben vanwegen het ontbreken van bacteriën en binnen 2 tot 3 dagen, enorm omhoog zal gaan schieten.Vandaar dat je moet zorgen dat deze waarde bij aanvang op 0,05Ng moet hangen ipv 0,1Ng, kan ik vrij eenvoudig verklaren.

In sommige gevallen kan deze zelfs oplopen tot 0,2Ng per liter. Laat het aquarium dan enkele dagen "rusten" !
Mééstal zal je dan zien dat het weer gaat zakken. Is dit NIET het geval óf loopt het zelfs nog verder op, is het raadzaam om naar de aquarium speciaalzaak te gaan. Daar kan je diverse producten vinden waarmee je de nitrietwaarde omlaag kunt brengen naar normale concentratie.

Om dit probleem zo veel mogelijk te voorkomen kán je het filter voorzien van nitrficerende bacteriën. Je kan dit nogmaals doen op het moment dat je er vissen in uit gaat zetten.


 


7. Nitraat gehalte.

Nitraat word meestal aangeduid met NO3 of HNO3.

Het ontstaat doordat nitrificerende bacteriën het nitriet omzetten in nitraat. Nitraat is in het aquarium normaal gesproken het eindproduct van het omzetten van afvalstoffen. Leidingwater bevat ongveer 50mg/l 200mg/l is echt maximaal toelaatbaar en betekend verversen !
Nitraat is vrij onschadelijk voor vissen maar kan wel voor overlast zorgen.

Overmatige alggroei is een van die verschijnselen en veelal een gevolg van overbemesting in het aquarium. De combinatie van teveel nitraat en fosfaat (PO4) is de meest geschikte algenvoeding. Dit voor zowel blauwalg, zweefalg, draadalg en baardalg.

Cryptocorynen zijn voorgrondplanten die erg gevoelig zijn voor nitraat. Wanneer de waarde boven het toelaatbare uit stijgt, zal je binnen een paar uurtjes tijd hele velden zien verdwijnen !


Door gebruik van o.a Merlin in een biologisch filter, word op den duur het nitraat omgezet in stikstof, welke vervolgens weer uit het water ontsnapt als gas. Dit proces zie je wel vaker bij filters die al 2 jaar of langer draaien op een porreus filtermateriaal. Er zijn ook speciale filters die het nitraat af kunnen breken. Die werken zuurstofloos, waar door anaërobe bacteriën ontstaan. Deze filters kunnen óók het forfaat uit het water halen.

Een andere mogelijkheid is; Het gebruik maken van een speciale kunsthars. Dit kunsthars neemt meestal gelijkertijd het silicaat uit het water. Dit product gaat ongeveer 3 maanden mee en kan ongeveer 10 keer gegenereerd worden door middel van zout (zónder jodium) Echter is dit kunsthars moeilijk te verkrijgen.

Om een zo laag mogelijk nitraat gehalte te houden, is het verstandig om wekelijks 20% van het aquariumwater te verversen. Als je deze waterverversing aan houd, is er praktisch geen te hoorg nitraat gehalte mogelijk. Wil je tóch weten wat je nitraat gehalte is, kan je dit testen met een NO3 test setje. Deze tester is in de uitgebreidere aquariumspeciaalzaak te verkrijgen.



 


8. Zuurstof en koolzuur gehalte.
Zuurstof word altijd aangeduid met O2

Het mag duidelijk zijn dat genoeg zuurstof in het aquarium, van levensbelang is. Zuurstof kán van planten afkomstig zijn máár dan moet je het aquarium wel erg vol hebben staan met planten en dan ook nog eens allemaal zuurstof leverend !

De meest gebruikte mannier is het beluchten van het water middels een luchtpompje met bruissteen. Je kan echter óók het aquariumwater wat via de pomp terug het aquarium in komt, met hoge kracht terug spuiten (dmv sproeibuis).

Je kan ook gebruik maken van een zgn droog/nat filter. Dit filter is een combinatie van een druppelfilter en een bioloog.De druppelfilter zorgt in dit geval voor alle zuurstof. Het voordeel van beluchten is dan ook dat bijna al het koolzuur uit het water word gehaalt. Zo voorkom je ook dat de PH waarden niet te laag word en de vissen geen koolzuurvergiftiging kunnnen oplopen.

Koolzuur word aangeduid met CO2
Het ontstaat hoofdzakelijk door ademhalen van levende dieren en organismen.
Dus niet alleen door de planten en vissen, maar óók door micro-organisme die zich in de filter en de bodem op houden. Als je veel planten in het aquarium hebt staan, is veel beluchten niet aan te raden. De meeste planten hebben nl directe koolzuur nodig om te kunnen ademen en uiteindelijk om te kunnen zetten in zuurstof. Heb je veel planten in het aquarium staan, is het zeker zinvol om de KH en GH waarden goed in de gaten te houden. Sommige planten breken bij een te kort aan koolzuur, de carbonaten af om op deze mannier aan hun koolzuur te komen !

Schommeling in PH waarde kan door planten veroorzaakt worden. Overdag wanneer ze licht krijgen, nemen ze koolzuur op, waar door de PH waarde stijgt. Wanneer ze echter géén licht krijgen, gaan ze zuurstof opnemenen en een kleine hoeveelheid koolzuur afgeven, waar door de PH waarde weer gaat dalen. In aquaria waar veel belucht word, kan dus juist een tekort aan zuurstof en/of een verhoogt koolzuur gehalte ontstaan. Wil je weten hoeveel van deze stoffen in je aquarium aanwezig zijn, kan je daar uiteraard ook een druppeltester voor krijgen in de aquarium zaken.


 


9. Fosfaat gehalte.

Fosfaatgehalte word aangeduid met PO4

Het ontstaan in het begin van de afbraak van stoffen welke fosfor bevatten. In visvoer zit o.a fosfor als noodzakelijke bouwstof. Wanneer dit vervolgens in het aquarium terecht komt via de uitwerpselen van de vissen óf doordat niet al het voer opgegeten is, zal het fosfor zich middels een chemische reaktie aan zuurstof gaan binden. In mn nieuw ingerichte aquariums zie je dit vaak gebeuren, net als in aquariums waar overvoerd word !

Als het aquarium eenmaal goed draait, zal het fosfor gehalte af gaan nemen. Het fosfor zal dan namelijk via biologische weg een andere binding aan gaan en daar door minder schadelijk worden. Sommige nitraat-filters zijn ook in staat om het fosfor af te breken. Ook zijn er chemische filtermaterialen die het fosfaat uit het water kunnen nemen. Als je het fosfaat gehalte van je aquarium wilt weten, zijn ook daar voor druppeltesters te verkrijgen en anders zeker te bestellen.

Fosfaat kan echter ook ontstaan doordat er in het leidingwater zgn polifosfaten aanwezig zijn. Dit is met een gewoon verkrijgbare tester niet te controleren. Deze fosfaat testers kunnen enkel maar de concentratie van monofosfaten vast stellen. Polifosfaten kunnen in het aquarium terug slaan oin monofosfaten. Om hier achter te komen, kan je het beste informatie op vragen bij het plaatselijke waterleidingbedrijf.


 


10. Silicaat gehalte.
Silicaat (ook wel kiezelzuur) word aangeduid als SiO2.
In sommige gebieden in Nederland vorm het hoge silicaatgehalte van soms wel 40mg/l, een serieus probleem. Vooral bij een nieuw op te starten aquarium, kan dit héél vervelend zijn !

Een hoog silicaat gehalte van meer dan 10mg/l, kan in veel gevallen direct leiden tot blauwalg óf tot een te laag calcium gehalte. Silicaat gaat nl een binding aan met calcium. Het (tijdelijk) verhogen van de hardheid (dGH) tot 15mg/l, kan deze opstartproblemen verhelpen. Het meest ideale gehalte cilicaat zou beneden 0,2mg/l moeten liggen, maar dat is met ons huidige leidingwater nooit te bereiken, zonder gebruik te maken van kunsthars gevulde filters.

Als een aquarium goed draait, is het testen van SiO2 absoluut niet nodig. Maar wil je het toch percé willen weten kan je ook daar voor een druppeltest aanschaffen. Deze zullen ze in de winkel doorgaans wel voor je moeten bestellen.